Idealiter is er een gezonde mate van kredietverlening in de economie

De in mei 2026 verschenen BKR Monitor 2025 laat zien dat het aantal bij BKR geregistreerde Nederlanders met een krediet en het totaal aantal kredietovereenkomsten in 2025 opnieuw daalde. Ook het aantal betalingsachterstanden op die kredieten nam verder af. In dit interview deelt Daniël van Vuuren (directeur van SEO Economisch Onderzoek, hoogleraar Sociale Zekerheid en Economie aan Tilburg University en kroonlid van de Sociaal Economische Raad) zijn inzichten over de monitor van Stichting BKR. 

Als u naar de nieuwste cijfers kijkt: wat valt u het meest op?

Van Vuuren: “Wat het meest opvalt, is de sterke daling van het aantal mensen met schuldhulp of een saneringskrediet: van 32,7 duizend naar 23,4 duizend in één jaar. Dat is een forse afname. We zien ook dat het aantal betalingsachterstanden blijft afnemen. Aan de ene kant is dat goed nieuws en kan het erop wijzen dat de schuldenproblematiek afneemt. Aan de andere kant brengt dit niet alles in beeld. Schulden bij bijvoorbeeld de Belastingdienst of studieschulden worden niet in deze cijfers meegenomen, terwijl daar wel degelijk problematiek kan spelen. Het zou dan ook waardevol zijn om de registratie te verbreden, zodat een meer integraal beeld ontstaat.”

Waar zitten de belangrijkste blinde vlekken?

“De afgelopen jaren is er een tendens geweest om mensen korter te registreren bij BKR. Het idee is dat mensen na een schuldentraject met een schone lei kunnen beginnen. Daar is iets voor te zeggen. Tegelijkertijd weten we dat mensen die eenmaal in de schuldhulpverlening zijn geweest, statistisch een grotere kans hebben om opnieuw in de problemen te komen. Vanuit dat perspectief kun je je afvragen of het niet zinvol is om hen langer in beeld te houden. De verkorting van registratietermijnen roept dus vragen op.”

Ziet u verschillen tussen regio’s die extra aandacht verdienen?

“De regio Rotterdam springt eruit. Daar is de schuldenproblematiek en het aantal betalingsachterstanden hoger dan in de rest van Nederland. Ook in Zuid-Limburg zien we relatief veel schuldenproblematiek. Wat daar extra opvalt, is dat mensen vaker lopende kredieten hebben. Dat kan wijzen op een andere omgang met krediet. In mindere mate zie je dit ook in Den Haag en Flevoland. In de rest van het land is het beeld relatief vlak. Een belangrijk punt is dat bepaalde vormen van krediet, zoals Buy Now, Pay Later (BNPL), nog niet in de statistieken zitten. Het is daarom een goede ontwikkeling dat die in de toekomst wel worden meegenomen.”

We zien al langer dat het aantal kredieten daalt. Is dat per definitie goed nieuws?

“Nee, dat is te kort door de bocht. Krediet is op zichzelf niet slecht. Als mensen weten waar ze aan beginnen en een goede financiële planning hebben, kan krediet juist nuttig zijn. In sommige levensfasen kan het helpen om tijdelijk krapte op te vangen, bijvoorbeeld bij gezinsuitgaven. Idealiter is er een gezonde mate van kredietverlening in de economie, zonder dat dit leidt tot betalingsachterstanden of problematische schulden. Die balans is belangrijk.”

Wat betekenen de inzichten uit de BKR Monitor voor partijen zoals kredietverleners, gemeenten en beleidsmakers?

“Deze cijfers bieden vooral een belangrijk monitoringsinstrument. Ze geven inzicht in waar schuldenproblematiek ontstaat, in welke regio’s en bij welke groepen. Tegelijkertijd roepen ze ook nieuwe vragen op. Een relevante vraag is bijvoorbeeld in hoeverre er sprake is van substitutie: als mensen door een BKR-registratie minder toegang hebben tot bepaalde kredieten, wijken ze dan uit naar andere vormen van krediet die niet worden geregistreerd? De cijfers helpen dus om problemen te signaleren. Vervolgens is aanvullend onderzoek nodig om beter te begrijpen wat er speelt en welke maatregelen effectief kunnen zijn.”